
Je weet dat het moment ooit komt. Toch ben je er nooit werkelijk op voorbereid. Want hoe bepaal je dat je hond, kat of konijn niet langer verder kan? Wacht je nog een dag, omdat afscheid nemen zo pijnlijk is? Of neem je juist te vroeg een onomkeerbare beslissing? Dierenarts Sylvie Klomp van Gevoel voor Dieren helpt eigenaren om met aandacht en eerlijkheid naar hun dier te kijken. Wanneer euthanasie noodzakelijk is, laat ze het afscheid het liefst plaatsvinden waar het dier zich het veiligst voelt: thuis.
Levensmotto
Sylvie Klomp hoeft niet lang na te denken over de vraag waar haar liefde voor dieren vandaan komt. Die is er eenvoudigweg altijd geweest. Als kind voelde ze al een vanzelfsprekende verbondenheid met dieren. Aan het begin van de middelbare school wist ze dat ze dierenarts wilde worden. Haar levensmotto luidt dan ook: ‘Een dag zonder dieren is een dag niet geleefd.’ Zelf deelt ze haar huis met honden, katten en konijnen. “Bij dieren ervaar ik een diepe connectie. Ze maken zich niet druk over wat morgen brengt, maar leven volledig in het moment. Als ik dieren om me heen heb, kom ik automatisch tot rust”, vertelt Sylvie.
Die band met dieren vormt de basis van haar werk. Maar het was haar eigen hond Pablo die haar liet zien hoe belangrijk de omgeving en begeleiding tijdens een afscheid kunnen zijn.
Bang voor iedereen, behalve voor haar
Sylvie vond Pablo als pup op straat. Het jonge hondje was bang voor vrijwel alles en iedereen. Alleen bij haar durfde hij zijn waakzaamheid te laten varen. “Hij vertrouwde mij blindelings en ik hem. Hij was er tijdens de donkerste periode van mijn leven. Wij waren altijd samen. Onze band was heel bijzonder.”
Tien jaar lang was Pablo haar vaste metgezel en allergrootste vriend. Het vooruitzicht dat ze hem ooit zou moeten verliezen, kon Sylvie nauwelijks verdragen. “Alleen al bij de gedachte dat ik hem op een dag zou moeten laten gaan, werd ik niet goed.”
Maar dat moment kwam. Van de ene op de andere dag voelde Pablo zich niet lekker. Onderzoek wees uit dat hij levertumoren had. Nog geen week later overleed hij thuis. In die laatste dagen botsten twee kanten van Sylvie voortdurend met elkaar. Als dierenarts zag ze wat er medisch gebeurde en wat dat betekende. Als baasje wilde ze haar beste vriend koste wat kost bij zich houden.
“Eigenlijk wist ik instinctief dat het zijn tijd was, maar emotioneel wilde ik daar nog niet aan. Ik legde hem thuis aan een infuus en gaf hem medicatie, in de hoop dat hij op wonderbaarlijke wijze zou opknappen. Maar tegen de dood is niet op te boksen. Het was gewoon zijn tijd.”
De rationele dierenarts in haar wist dat verder behandelen Pablo niet zou redden. De liefhebbende eigenaar in haar bleef zoeken naar een uitweg. “Ik leefde tussen twee uitersten. Enerzijds waren er de angst en het verdriet om hem los te laten. Anderzijds moest ik zijn ziekteproces professioneel en van een afstand bekijken.”
Uiteindelijk gaf juist die professionele blik haar de kracht om de beslissing vanuit Pablo’s belang te nemen. “Ik moest uit mijn eigen angst en mijn eigen behoefte stappen. Ik moest me voor hem staande houden en hem laten gaan.”

Tolken tussen dier en mens
De tweestrijd die Sylvie bij Pablo ervoer, herkent ze nu bij veel eigenaren. Als je veel van een dier houdt, is het bijna onmogelijk om volledig onbevooroordeeld naar zijn toestand te kijken. Hoop, angst en schuldgevoel lopen door elkaar heen. Sylvie ziet het daarom als haar taak om tijdelijk de heldere, professionele blik te bieden die een eigenaar op dat moment zelf soms niet meer kan opbrengen: “Ik fungeer als een soort tolk. Ik onderscheid me van andere dierenartsen doordat ik naast een professioneel medische manier van werken ook op een spiritueel energetische manier contact kan maken met dieren. Ik communiceer met dieren en zij vertellen mij wanneer het hun tijd is. Ik zie wanneer ze in een stervensproces zitten. Deze informatieoverdracht die ik van dieren krijg, vertaal ik dan vervolgens naar de eigenaar. Uiteindelijk begeleid ik dieren zuiver naar de andere wereld. Voor mij is het niet simpelweg zo dat ik me heb toegelegd op euthanasie – het is mijn zielsmissie.”
Dat betekent overigens niet dat euthanasie altijd het antwoord is. Integendeel: Sylvie belooft telefonisch nooit dat ze een dier tijdens een huisbezoek daadwerkelijk zal laten inslapen. Ze wil het dier eerst zelf zien, onderzoeken en contact met hem maken. Wanneer dat nodig is, vraagt ze vooraf het patiëntendossier op bij de eigen dierenarts. “Uit respect voor het dier doe ik nooit een toezegging tot euthanasie zonder dat ik het heb gezien. Soms zijn er nog behandelmogelijkheden en is een goede kwaliteit van leven wel degelijk haalbaar. Ik wil nooit een dier het leven ontnemen als zijn tijd nog niet gekomen is.”
Volgens Sylvie gaat ze bij ongeveer dertig procent van de aanvragen uiteindelijk niet tot euthanasie over. Soms adviseert ze eerst andere medicatie, pijnbestrijding of aanvullend onderzoek. Voor eigenaren kan dat onverwacht zijn: zij hebben zich mentaal vaak al op het afscheid voorbereid. “Een enkeling heeft zich zelfs al zo volledig op het overlijden ingesteld dat de motivatie voor verdere behandeling ontbreekt. Maar wanneer ik niet achter euthanasie sta, doe ik het niet. Ik moet mezelf ook in de spiegel durven aankijken.”
De Labrador die nog leefde
Eén huisbezoek zal Sylvie nooit vergeten. Een vijf jaar oude Labrador had ernstige neurologische klachten. De eigen dierenarts had euthanasie geadviseerd en er stond al een afspraak in de kliniek gepland. Via een toevallige ontmoeting hoorde de eigenaar over euthanasie aan huis en vroeg ze Sylvie of ze diezelfde dag nog kon komen. Toen ze binnenstapte, zag Sylvie direct dat er iets niet klopte. De verschijnselen leken volgens haar eerder op een vergiftiging of bijwerking dan op een ongeneeslijke neurologische aandoening. In het patiëntendossier ontdekte ze een medicijn dat de klachten mogelijk zou kunnen veroorzaken. Na overleg werd de medicatie gestopt. Binnen enkele dagen verdwenen de symptomen en kwam de oude, gezonde hond weer tevoorschijn. Inmiddels is hij tien jaar. “Dat is precies waarom ik een dier altijd zelf wil beoordelen. Een euthanasie kun je niet terugdraaien”, aldus Sylvie.
“VOOR EIGENAREN IS HET JUISTE MOMENT BEPALEN VAAK HET ZWAARSTE ONDERDEEL VAN HET PROCES.”
De vraag die niemand wil beantwoorden
Voor eigenaren is het juiste moment van euthanasie bepalen vaak het zwaarste onderdeel van het hele proces. De verantwoordelijkheid voelt enorm: wie ben ik om te beslissen over leven en dood? Wat als mijn dier nog niet klaar was? Maar ook: wat als ik door mijn eigen verdriet te lang wacht? Volgens Sylvie kijken mensen soms vooral naar losse momenten. De hond eet nog een koekje, kwispelt wanneer het baasje thuiskomt of loopt nog één keer naar de deur. Dat kan hoop geven, maar vertelt niet altijd het hele verhaal. “Dieren zitten met hun emotie niet voortdurend op hun lichamelijke gebrek. Ze kunnen ondanks ernstig lijden nog lang blijven functioneren. Dat maakt het voor mensen extra moeilijk om pijn of uitputting te herkennen.” Daarom is het belangrijk naar het totaalbeeld te kijken. Kan het dier nog comfortabel liggen en opstaan? Is de pijn voldoende onder controle? Is er nog belangstelling voor de omgeving? Kan het dier eten, drinken, slapen en zichzelf ontlasten zonder grote problemen? Zijn er nog meer goede dan slechte momenten? Sylvie ziet soms dat een afscheid wordt uitgesteld omdat alle familieleden aanwezig willen zijn. Dat verlangen begrijpt ze, maar het belang van het dier moet voorop blijven staan vindt ze. “Een afscheid laat zich niet altijd plannen volgens het ideale plaatje. Als een dier ernstig lijdt, kan enkele dagen wachten te lang zijn.” Ze wordt vooral geraakt door dieren bij wie pijn of benauwdheid lange tijd niet goed is herkend. “Mensen wachten echter nooit uit onverschilligheid. Meestal wachten ze juist uit liefde, hoop en angst voor het verlies. Maar soms moeten we onszelf de moeilijke vraag stellen: houd ik mijn dier nog bij me voor hem, of vooral voor mij?”
Waarom thuis afscheid nemen anders voelt
Veel dieren raken gespannen zodra de reismand verschijnt of herkennen de route naar de kliniek. Ze trillen, hijgen, piepen, krijgen vochtige voetzooltjes of proberen zich te verstoppen. Andere dieren bevriezen juist of reageren uit angst defensief. Ook wanneer dierenartsbezoeken altijd zo vriendelijk mogelijk zijn verlopen, blijft een praktijk voor veel dieren een omgeving vol vreemde geuren, geluiden en mensen. Daar komen de autorit, de wachtkamer en een gladde behandeltafel nog eens bij. “Dat is geen omgeving waarin je het laatste moment met je dier wilt beleven”, zegt Sylvie. “Thuis zijn de eigen geuren en geluiden. Een dier kan op zijn favoriete plek liggen, op schoot, in zijn mand of op een vertrouwde deken.”
Het afscheid kent geen vast draaiboek. Sommige gezinnen willen eerst uitgebreid praten. Andere mensen hebben hun vragen vooraf gesteld en willen een ernstig lijdend dier niet langer laten wachten. Een hond kan met zijn kop op de schoot van het baasje liggen; een kat blijft misschien liever in zijn eigen mandje. “Iedere situatie is anders. De eigenaar mag aangeven wat belangrijk is, zolang de toestand van het dier dat toelaat. Ik bewaak wat medisch verantwoord is en wat op dat moment het rustigst is voor het dier.”

Soms heeft een kind een tekening gemaakt. Er worden kaarsjes aangestoken of bloemen neergelegd. Veel mensen vertellen hun dier nog één keer hoeveel het voor hen heeft betekend. “De meeste eigenaren bedanken hun dier voor alle liefde die ze hebben gekregen. Dat vind ik altijd bijzonder. In al het verdriet wordt dan ook zichtbaar hoe rijk de jaren samen zijn geweest.”
Eerst diep slapen
Sylvie werkt bij euthanasie in principe in twee stappen. Eerst brengt ze het dier volledig onder narcose. Pas wanneer het diep weg en bewusteloos is, dient ze het euthanasiemiddel toe dat de ademhaling en vervolgens het hart laat stoppen.
De precieze werkwijze verschilt per dier. Bij een hond kunnen de middelen via een infuus in een bloedvat van een voor-of achterpoot worden toegediend. Wanneer het plaatsen van een infuus te veel stress geeft, kan de eerste injectie soms in een spier of onder de huid worden gegeven. Ook bij katten en konijnen past ze de toediening aan het karakter, de lichamelijke toestand en de beschikbare bloedvaten aan. “Het ene dier laat alles rustig toe, terwijl een ander dier veel angst heeft voor aanraking of naalden. Ik probeer altijd de methode te kiezen die voor dat individuele dier de minste spanning geeft.”
Wanneer de medische toestand het toestaat, mag een huisdier tot het laatste moment blijven eten. Bij voorkeur zelfs; een favoriet hapje kan afleiding geven en is voor veel dieren een vertrouwd, plezierig onderdeel van hun laatste uren. Na de eerste injectie wordt het dier steeds slaperiger. Soms zakt het hoofd rustig weg of wordt de ademhaling dieper. Pas wanneer Sylvie zeker weet dat het dier volledig onder narcose is, volgt de tweede stap.
Waarom Sylvie geen hartprik geeft
Sylvie kiest er principieel voor om het euthanasiemiddel niet rechtstreeks in het hart toe te dienen. Ze hoort naar eigen zeggen regelmatig verhalen van eigenaren die een zogenoemde hartprik als schokkend hebben ervaren, omdat er ondanks narcose vaak heftige reacties van een dier waarneembaar zijn. Bij een intracardiale injectie wordt een naald door de borstwand heen direct in het hart gebracht. Deze methode mag niet bij een bewust dier worden toegepast. Sylvie: “De hartprik vind ik een barbaarse, middeleeuwse methode en absoluut dieronwaardig. Het is de letterlijke dolksteek – en hoe je zelf ook niet aan je einde zou willen komen. Bij mensen is bekend dat een hartprik erg pijnlijk is. Deze methode is bij mensen volstrekt ongebruikelijk en niet aan de orde, dus waarom zouden we het bij dieren wel doen? Bij mensen vindt een euthanasie altijd middels een infuus plaats.” Ze hoopt dan ook dat de wetgeving rondom de intracardiale injectie bij dieren gaat veranderen en dat het gebruik verboden wordt.





Ook bij een dier dat al onder narcose is, kan een hartprik voor een aanwezig baasje bovendien aangrijpend zijn om te zien. Sylvie kiest daarom voor injecties via een infuus. Voor haar hoort een waardig afscheid niet alleen pijnloos te zijn, maar ook zo rustig en voorspelbaar mogelijk te verlopen. “Mensen dragen het beeld van die laatste minuten vaak de rest van hun leven mee. De manier waarop het gebeurt, maakt daarom enorm veel verschil.”
Volledige overgave
Sylvie zegt dat ze thuis vaak ziet hoe dieren zich ontspannen zodra ze merken dat er niets meer van hen wordt verwacht. Ze omschrijft haar manier van werken als ‘volledig afstemmen op het dier’. Daarbij let ze niet alleen op lichamelijke signalen, maar ook op spanning, blik en houding.
“DE MEESTE EIGENAREN BEDANKEN HUN DIER VOOR ALLE LIEFDE DIE ZE HEBBEN GEKREGEN.”
Sommige dieren die al dagen nauwelijks van hun plek zijn gekomen, staan bij haar binnenkomst onverwacht op. Angstige honden laten haar soms dichterbij komen dan hun eigenaren hadden verwacht. “Ik zie vaak dat dieren in hun laatste fase de scherpe randjes van hun karakter verliezen. Zelfs bij dieren met gedragsproblemen kan ik meestal rustig in de buurt komen.”
Tijdens het huisbezoek probeert Sylvie zich niet te laten meeslepen door de emoties in de kamer. Niet omdat die haar koud laten, maar omdat het dier haar volledige aandacht nodig heeft. “Ik richt me op het dier en probeer eventuele angst weg te nemen. Pas later is er ruimte voor mijn eigen gevoel.” Soms lukt dat niet helemaal en huilt ze mee. Vooral wanneer de band tussen een dier en zijn mens bijna tastbaar is, kan ook zij geraakt worden. Toch overheerst na een zorgvuldig verlopen euthanasie vaak een gevoel van opluchting: “Ik ben dan blij voor het dier. Niet omdat het er niet meer is, maar omdat het niet verder hoeft te lijden.”

Van laatste adem naar laatste afscheid
Na het overlijden blijft Sylvie zolang dat nodig en mogelijk is. Eigenaren kunnen hun dier vasthouden, aaien en het in hun eigen tempo afsluiten. Tijdens het maken van de afspraak voor de euthanasie wordt al een praktische vraag gesteld waar veel mensen vooraf liever nog niet over nadenken: wat gebeurt er met het lichaam? De mogelijkheden zijn onder meer begraven, cremeren of destructie. Sylvie adviseert om daar ruim vóór de euthanasie al voorzichtig over na te denken. Steeds meer mensen kiezen voor een individuele crematie. Volgens Sylvie hangt dat samen met de veranderde positie van huisdieren. Een hond, kat of konijn leeft niet meer alleen op het erf of in de tuin, maar maakt deel uit van het gezin. Het slaapt in huis en is aanwezig tijdens belangrijke levensgebeurtenissen. “Als die band tijdens het leven zo hecht was, dan willen mensen het afscheid ook op een persoonlijk en respectvolle manier vormgeven.”
Het crematorium komt naar het dier toe
Vanuit die gedachte ontwikkelde Sylvie ‘mobiele dierencrematie’. Met een speciaal ingerichte crematiebus kan een klein huisdier thuis of op een andere gekozen buitenlocatie individueel worden gecremeerd.
Het mobiele crematorium is bedoeld voor katten en kleine honden tot ongeveer tien kilo. Het dier hoeft na het overlijden niet direct te worden achtergelaten in een praktijk of meegegeven aan iemand die de eigenaar niet kent. Het gezin kan bij het dier blijven en, als men dat wil, de crematie bijwonen.
Vooraf kan een pootafdruk worden gemaakt of een plukje haar worden bewaard. Ook mogen er bijvoorbeeld bloemen of een brief mee. Sommige mensen willen hun dier zelf in de oven leggen; anderen nemen liever eerder afscheid. Beide keuzes zijn mogelijk.
De crematie duurt afhankelijk van het lichaamsgewicht één tot anderhalf uur. Daarna wordt de as verzameld in een askoker. Sylvie: “De regie hoeft niet ineens volledig uit handen te worden gegeven. Mensen kunnen het hele afscheid op een vertrouwde plek beleven en krijgen de as direct terug. Voor sommige eigenaren geeft dat veel rust.”
De waarde van een pootafdruk
Niet iedereen heeft behoefte aan een urn of tastbare herinnering. Voor de één blijft de halsband jarenlang aan een haakje hangen; een ander draagt een klein beetje as in een sieraad. Sommige mensen bewaren een plukje haar of zetten een foto op de favoriete plek van hun dier. Vooral een pootafdruk is populair. “Veel mensen willen die graag, zeker wanneer ze hun dier begraven. Anderen kiezen voor een urn of een assieraad. Er bestaat geen goede of verkeerde manier om iemand te herinneren”, aldus Sylvie.
Ook rouwen kent volgens Sylvie geen vast patroon. De omgeving begrijpt niet altijd hoe diep het verlies van een huisdier kan ingrijpen. Opmerkingen als ‘het was maar een hond’ of ‘dan neem je toch een nieuwe kat’ kunnen extra pijn doen. Sylvie: “Het verdriet om een huisdier kan net zo intens zijn als het verdriet om een mens. Iedereen verwerkt dat anders. Het belangrijkste is dat je het verdriet laat gebeuren en jezelf er niet voor veroordeelt.”
Wat Pablo haar nog altijd vertelt
Het afscheid van haar eigen honden Pablo en Aart blijft Sylvie het meest bij. Toch denkt ze bij Pablo niet alleen aan zijn dood. Ze denkt vooral aan het vertrouwen dat tussen hen bestond en aan alles wat hij haar heeft geleerd. “De liefde van een dier is puur en onvoorwaardelijk. Pablo heeft mij geleerd dat echte liefde niet betekent dat je iemand koste wat kost bij je houdt. Soms betekent liefde dat je het lijden ziet, je eigen angst opzijzet en durft los te laten.”
Als Pablo haar vandaag nog één boodschap zou kunnen geven, weet Sylvie precies wat hij zou zeggen: “Hou van jezelf, vertrouw op jezelf en blijf bij je intuïtie.” Dat is ook wat zij andere baasjes gunt: vertrouwen. Niet de zekerheid dat afscheid nemen geen pijn zal doen, want die zekerheid bestaat niet. Wel het vertrouwen dat een beslissing die zorgvuldig, eerlijk en vanuit het belang van het dier wordt genomen, een laatste daad van liefde kan zijn.
ZO GAAT HET INSLAPEN
Bij het inslapen zorgt Sylvie er allereerst voor dat een dier volledig onder narcose is voordat zij een tweede middel geef waar het hartje van stopt. Zij past zowel de narcose als werkwijze aan op het karakter en de onderliggende ziekte van het individuele dier.
Ze gebruikt geen middelen waar het dier misselijk van wordt en daarom mag het huisdier tot op het laatste moment gewoon blijven eten.

Kat/konijn: Eerste injectie via bloedvat voorpoot, in de rugspier of onder de huid. Tweede injectie via een bloedvat in de voorpoot.
Hond: Beide injecties in de bloedbaan via een infuus in de voor of achterpoot. Wanneer het scheren van de poot te veel stress oplevert, geeft Sylvie de eerste injectie in de spier of soms onderhuids.
MOBIELE DIERENCREMATIE
Hiermee kan een kat of kleine hond tot ongeveer tien kilo thuis of op een andere gekozen buitenlocatie individueel worden gecremeerd. Het overleden dier hoeft niet in een kliniek te worden achtergelaten. Eigenaren mogen, als zij dat willen, bij de crematie aanwezig zijn. Een pootafdruk of plukje haar kan als herinnering worden bewaard.
Bloemen of een persoonlijke brief mogen eventueel mee.
Een crematie duurt ongeveer één tot anderhalf uur. Na afloop ontvangt de eigenaar direct de as van het eigen dier in een askoker. De mogelijkheden en praktische voorwaarden worden vooraf besproken.

INFO
Euthanasie aan huis: www.gevoelvoordieren.nl
Mobiele crematie: mobieledierencrematie.nl




