
Toen Davina Simons op de avond van 24 augustus naar de gevangenis reed om bijstand te verlenen, wist ze dat een zekere Sven Pichal op haar zat te wachten. ‘Mijn frank viel niet onmiddellijk. Ik wist wel vaagweg wie hij was, maar ik dacht toen niet: een bekende Vlaming! Dit wordt vast een grote zaak!’
Dat was een misrekening: er vloeiden meteen liters inkt over de zaak-Pichal. Hoe kon het toch dat de radiopresentator van ‘De inspecteur’ beelden van kindermisbruik zou hebben uitgewisseld?
DAVINA SIMONS «We hadden de zaak liever uit de media gehouden, maar dat bleek helaas niet mogelijk.»
HUMO Sven Pichal zit intussen al meer dan een maand in de gevangenis. Hoe gaat het met hem?
SIMONS «Hij is in paniek, net zoals iedereen die plots in de cel terechtkomt. Het is niet makkelijk. Hij vangt ook op wat er in de media over hem wordt gezegd. Dat is heel hard en laat een diepe indruk na.»
HUMO Hij wordt naar verluidt hard aangepakt.
SIMONS «Mensen die beschuldigd worden van zedenfeiten zijn niet populair in de gevangenis, dat weet iedereen. Ze krijgen het er zwaar te verduren. Van Sven Pichal weet iedereen ook waarom hij daar zit, en hij is bovendien een publiek figuur. Dus in zijn geval is het tien keer zo erg.»
HUMO Zijn er al incidenten geweest?
SIMONS «Ik kan daar niet te diep op ingaan, maar de gevangenis moet wel rekening houden met zijn veiligheid. De sfeer is gespannen, er zijn dreigementen tegen hem geuit. Hij zat eerst alleen in een cel, maar door de overbevolking zit hij nu samen met een andere gevangene. Voorlopig gaat dat.»
HUMO Toen het parket hem niet wilde vrijlaten met een enkelband, drongen jullie ook niet verder aan. Waarom?
SIMONS «Zijn hele leven is breed uitgesmeerd op alle krantenpagina’s. Er is nog geen sprake van een veroordeling, maar voor de publieke opinie is hij nu niks meer dan een pedofiel, hoewel hij niet in verdenking gesteld is van actieve daden ten opzichte van kinderen. Alle goede dingen die hij ooit heeft gedaan, zijn plots vergeten.
»En dan is er nog zijn mentale toestand. Die man heeft hulp nodig: dat zeggen wij al van in het begin, dat beseft hij zelf ook. Maar er is een enorm gebrek aan mensen en middelen om hem gepast te begeleiden. Iemand met zo’n instabiele gemoedstoestand in zijn eentje zonder omkadering onder elektronisch toezicht plaatsen, is niet verantwoord. Veel mensen denken dat een enkelband niks voorstelt, maar vergis je niet, het is zwaar. Na een veroordeling mag je met een enkelband gaan werken en boodschappen doen, maar tijdens het voorarrest is zoiets een gevangenis op verplaatsing: je zit 24/7 binnen, je mag niet gaan wandelen, je hond niet uitlaten, niks. Sommige mensen in voorarrest kiezen ervoor om in de gevangenis te blijven.
»We hebben ook al veel zwaardere dossiers behandeld dan dat van Sven Pichal waarbij de verdachte níét in voorlopige hechtenis werd geplaatst. Terwijl er soms zelfs actieve handelingen waren gepleegd tegenover kinderen. Dat is, voor alle duidelijkheid, niet het geval bij Sven Pichal.»
HUMO Pichal wordt verdacht van bezit en verspreiding van kinderpornografisch materiaal. Wat zegt hij daar zelf over?
SIMONS «Het onderzoek loopt nog, daarom kan ik daar omwille van het beroepsgeheim niet op ingaan.»
HUMO U pleitte in de afgelopen weken vaak voor een betere begeleiding van zedendelinquenten, in plaats van hen louter een gevangenisstraf te laten uitzitten.
SIMONS «Daar wordt in dit soort dossiers doorgaans ook zwaar op ingezet. Eén van onze cliënten (Simons werkt voor het advocatenkantoor van Walter Damen, red.) werd aangehouden toen bleek dat hij een grote hoeveelheid beeldmateriaal bezat, onder meer van kinderen. Die man kon onmiddellijk in een traject stappen van intensieve begeleiding. Er wordt dan niet alleen met de dader gewerkt, maar ook met de partner, ouders, vrienden en familie. Op die manier wordt een heel vangnet opgezet. De resultaten zijn doorgaans goed. Vaak zijn verdachten zelfs opgelucht als ze gevat worden, omdat ze dan die hoge drempel om hulp te vragen niet hoeven te nemen.»
HUMO De wachtlijsten voor begeleiding zijn wel erg lang.
SIMONS «Dat probleem is structureel en sleept al jaren aan. Misschien zouden we al kunnen beginnen om hulplijnen als Stop It Now, waarnaar mensen met pedofiele gevoelens kunnen bellen, permanent te bemannen. In het weekend lopen daar meer dan zestig oproepen binnen die niet worden beantwoord. Personen die met zo’n probleem worstelen, kunnen dan nergens terecht. Het is niet iets wat je zomaar vertelt aan je vrienden op café.»
HUMO Begrijpt u dat sommigen zo’n behandeling nogal zacht vinden voor iemand die zich aan kinderen vergreep?
SIMONS «Voor alle duidelijkheid: daar is Sven Pichal niet voor in verdenking gesteld. Er zijn ook veel gradaties, het kan gaan van het louter bekijken van beelden, om welke reden dan ook, tot het stellen van actieve handelingen. Ik keur zulke daden absoluut niet goed, maar het is een maatschappelijk probleem. En wat is het alternatief? Zedendelinquenten in de gevangenis onderbrengen, de deur op slot doen en hen vrijlaten nadat ze hun tijd hebben uitgezeten?
Met het risico dat ze daarna herbeginnen? Niet alleen daders en slachtoffers, maar de hele maatschappij is gebaat bij preventie en begeleiding. Zo leren delinquenten triggers te herkennen die tot zedenfeiten kunnen leiden. Ze leren ook om er op tijd afstand van te nemen. Als dat lukt, is de kans veel kleiner dat ze opnieuw beginnen.»
HUMO Het recidivisme bij pedofielen is hoog. Is een behandeling dan voldoende?
SIMONS «Iedereen dénkt dat het recidivisme hoog is, maar dat is niet zo. Studies wijzen uit dat het herval zelfs vrij laag ligt na een goede begeleiding.»
FAN VAN NATALIA
HUMO Twijfelt u soms om dit soort zaken aan te nemen?
SIMONS «Ik weiger nooit op basis van de feiten, ik verdedig de persoon erachter: vaak maken mensen dat onderscheid niet. Voor mij is het belangrijk dat ik een goede verstandhouding kan opbouwen met de verdachte, om te weten wie ik voor me heb en wat de achterliggende reden of problematiek is. Als iemand vraagt om een strategie te volgen die ik afkeur, dan stopt het voor mij. Ik ga niet tegen het dossier in pleiten.»
HUMO U krijgt door uw werk vaak beelden van kindermisbruik te zien. Wat doet dat met u?
SIMONS «Natuurlijk trek ik me dat soms aan, ik ben ook maar een mens. Maar het is mijn job, ik kan dat loskoppelen en de knop omdraaien. Ik moet wel, anders kan ik mijn werk niet goed doen.»
HUMO Nina Van Eeckhaut zei onlangs in een interview dat Sven Pichal niet heeft gevraagd om met die duistere kant geboren te worden.
SIMONS «Nina heeft geen kennis van de inhoud van het dossier en kan dus niet voor Sven Pichal spreken. Maar niemand kiest ervoor om zich aangetrokken te voelen tot minderjarigen. Maar personen met zulke gevoelens zijn óók mensen, niemand is 100 procent goed of slecht. Er is altijd nuance.»

HUMO U zei in een interview dat u het graag opneemt voor mensen die door iedereen worden verstoten.
SIMONS «Dat klopt. Ik vind dat verkeerd, iedereen heeft recht op een tweede kans. Voor die personen spelen wij, als advocaat, een belangrijke rol. Ze hebben vaak alleen ons nog, omdat familie en vrienden hen in de steek laten. Ze hebben iemand nodig die zegt: ‘Kop op, we gaan ervoor.’»
HUMO Iedereen heeft nood aan steunpilaren, zo is Natalia er één voor u heb ik begrepen.
SIMONS «Ja. Toen ik jong was, trok ik mij op aan haar. Nu is ze een goede vriendin geworden.
»Zij heeft mij gepusht. Ze zei dat ze in me geloofde, dat ik zeker moest voortstuderen om mijn droom waar te maken. Het is zo waardevol als iemand in je gelooft. Als mijn examen goed was verlopen, ging ik dat altijd meteen tegen Natalia zeggen.»
HUMO Hoe hebt u haar leren kennen?
SIMONS «Ik ben al sinds mijn 7de een grote fan van haar. Ik ging naar concerten en gaf haar dan de tekeningen die ik voor haar had gemaakt. Na een tijd groeide dat uit tot de vriendschap die we vandaag hebben. Ze is als een grote zus voor mij.»
HUMO Waarom moest ze u overtuigen om verder te studeren?
SIMONS «Ik wilde graag studeren, maar dat was thuis niet evident. Ik was de eerste in de familie die hogere studies wilde volgen. ‘Studeren is niet voor onze soort mensen,’ klonk het. En hoe ging ik dat financieel allemaal regelen? Het heeft wat moeite gekost om mijn familie te overtuigen. Nu besef ik dat het bij mijn moeder vooral ging om angst voor het onbekende. Ze is nu heel trots op mij. Maar in die tijd heb ik veel zelf moeten uitzoeken.»
HUMO Hoe waren uw jeugdjaren?
SIMONS «Ik stond vanaf mijn 14de onder toezicht van een jeugdrechter, omdat het thuis moeilijk verliep. Ik had een jeugdadvocate en dat heeft me ook wel geïnspireerd om rechten te studeren. Mijn ouders zijn intussen gescheiden en met mijn vader heb ik geen contact meer. Mijn mama heeft daarna, als alleenstaande, haar best gedaan voor mij en mijn zus.»
HUMO Waar hebt u rechten gestudeerd?
SIMONS «Ik zat op kot in Gent. Dat was best pittig: ik had een studiebeurs, maar deed daarnaast ook studentenjobs. Ik heb bij een bakker gewerkt en bij een slager. Ik heb zelfs een tijd dansles gegeven – ik dans erg graag. Daarna ben ik bij Kruidvat begonnen. Dat was hard werken, maar door de vaste uren wel makkelijker te combineren met mijn studies.»
BOOBIEVERSARY
HUMO Tijdens uw studies kreeg uw moeder borstkanker.
SIMONS «Dat was al de tweede keer. De eerste keer werd ze ziek toen ik 11 jaar was, ze was toen 36. Ik herinner me nog hoe moeilijk het was om daarover te praten in de familie. Kanker was een taboe-onderwerp. Daarom dacht ik voortdurend: mama gaat dood. Ze heeft toen verschillende operaties gehad, een chemokuur en bestralingen, met een pak complicaties.
»Mijn mama is een trotse vrouw die veel aandacht besteedt aan haar kleding. Een beetje zoals ik, maar misschien een tikje minder kleurrijk (lacht). Toen haar haar begon uit te vallen door de chemokuur, hebben we het samen afgeschoren. Ze heeft toen een tiental pruiken gekocht: ‘Zo heb ik iedere dag een ander kapsel.’ Ik herinner me ook dat we valse wimpers hadden gekocht, en die op haar oogleden plakten. Zulke dingen maken wel indruk op een kind.
»Ze is, na een lang traject, kankervrij verklaard. We haalden opgelucht adem. Maar na negen jaar kwam de kanker terug, agressiever dan eerst.»
HUMO U zat toen al op kot in Gent.
SIMONS «Dat was een moeilijke periode. Ik wilde mijn mama steunen en ging met haar naar het ziekenhuis voor haar chemokuren, haar operaties of haar bestraling. Dat was niet evident. Ik moest tussen het studeren en de colleges door met de trein naar Ekeren en dan terug naar Gent. Maar het heeft wel de band met mijn mama versterkt.»
HUMO Toen het beter ging met uw moeder, liet u een dubbele mastectomie uitvoeren. Waarom?
SIMONS «Toen mijn mama een tweede keer ziek werd, begonnen alarmbellen af te gaan bij de artsen. Onder meer door haar jonge leeftijd werd gevreesd dat ze een genetische kanker had. Na een test bleek dat ze het BRCA1-gen had. Met dat gen heb je 85 procent kans om borstkanker te krijgen, en er is een kans van 50 procent dat je het gen erft als kind. Toen ik meteen daarna besliste een test te doen, bleek ik ook drager van het gen te zijn.»
HUMO Hoe reageerde u toen?
SIMONS «Ik zei tegen de arts dat ik graag een dubbele preventieve borstamputatie wilde, en of we dat snel konden regelen.»
HUMO Dat is een nuchtere reactie. Was u niet geschokt?
SIMONS «Ik had een half jaar gehad om mij voor te bereiden – zo lang duurt het voor je het testresultaat krijgt. Ik had voor mezelf al uitgemaakt dat ik mijn borsten zou laten weghalen als ik het gen had. Ik had mijn mama twee keer enorm zien lijden, en ik was haar bijna kwijtgeraakt. Ik wilde zelf de controle houden over mijn lijf en de kanker voor zijn.»






HUMO U was toen nog aan het studeren.
SIMONS «Ik zat in mijn master. De operatie stond gepland voor 19 december 2017. Ik keek ernaar uit alsof ik iets leuks ging doen. Ik was er ook niet verdrietig om. Ik was 22 jaar en had twee tikkende tijdbommen in mijn lijf. Die moesten er voor mij zo snel mogelijk uit.»
HUMO U besliste ook een blog bij te houden waarin u uitgebreid over uw operaties schrijft.
SIMONS «Dat was uit noodzaak. Ik had in de maanden voordien hele bibliotheken en het internet afgezocht om meer te leren over een borstamputatie bij jonge mensen. Maar ik vond bijna niks: de meeste informatie was toegespitst op oudere vrouwen, die in een heel andere levensfase zitten. Je hebt dan misschien al kinderen en een vaste partner. Maar als je zo jong bent, heb je misschien nog een kinderwens. Welke invloed heeft het BRCA1-gen daarop? En hoe zit dat met reconstructies? Ik zocht een rolmodel, iemand die mij haar ervaringen kon vertellen, maar er was niemand. Ik leek wel de enige jonge drager van het gen die haar borsten wilde laten amputeren. Vandaar dat ik een blog begon, als uitlaatklep voor mezelf, en zo kon ik misschien zélf een rolmodel worden en het onderwerp bespreekbaar maken.»
HUMO U hebt toen iets in gang gezet, want daarna mocht u het ene interview na het andere geven.
SIMONS «Iedereen wilde weten hoe zo’n mastectomie verliep en, later, hoe de reconstructie van mijn borsten werd uitgevoerd. Toen bleek dat reconstructies met eigen weefsel niet werden terugbetaald, maar prothesen wel, heb ik me ingezet voor Benetiet, de organisatie van Yamina Krossa die campagne voerde voor de terugbetaling van alle reconstructies – met succes.»
HUMO Welke reconstructie hebt u laten uitvoeren?
SIMONS «Ik wilde een reconstructie met mijn eigen weefsel: ik wilde geen vreemde dingen in mijn lichaam. Bij mijn mama hebben ze tijdens één enkele operatie huid en vet van haar buik weggenomen en verplaatst naar de borst. Bij mij was dat niet mogelijk, want ik had te weinig buikvet. Ik heb in totaal zes operaties gehad: er werd dan telkens een béétje vet weggehaald om mijn borst te vormen. Dat was zwaar, twee jaar lang was mijn borststreek een echt slagveld.»

HUMO En nu?
SIMONS «Alles gaat goed, ik ben tevreden met het resultaat. Vrienden vroegen na de operatie of ze mijn borsten mochten zien. Dat kon, ik maakte daar geen probleem van (lacht). Ik ben zo blij dat ik een mastectomie heb laten doen en dat ik gezond ben, dat ik ieder jaar de verjaardag ervan vier. Mijn boobieversary, noem ik dat. Binnenkort is het zes jaar geleden en vieren we het weer.»
HUMO Tussen de mastectomie en de reconstructies kon je toch nog afstuderen. Knap!
SIMONS «Ik ben een harde werker, zeker als ik mijn zinnen op iets zet. Ik heb ook het geluk goed omringd te zijn: ik heb goede vrienden die me door dik en dun steunen, en er was Natalia en haar muziek om mij erdoor te sleuren.»
HUMO Is er nog een kans dat je borstkanker krijgt?
SIMONS «Die kans bedraagt nog slechts 2 procent. Maar ik heb wel nog zo’n 60 procent kans om eierstok-en baarmoederhalskanker te krijgen. Ik zou mijn eierstokken en baarmoeder kunnen laten weghalen, maar dan zou ik meteen in mijn menopauze terechtkomen. Dat vind ik te drastisch, ik ben daar veel te jong voor. Ik heb daarom samen met de artsen beslist om geregeld op controle te gaan en tegen mijn 35ste alles te laten verwijderen.»
HUMO Dat is geen prettig vooruitzicht.
SIMONS «Neen, en het bepaalt ook mee de keuze of ik kinderen zal hebben of niet. Vroeger had ik een grote kinderwens, maar nu ik weet dat ik genetisch belast ben, zou ik het egoïstisch vinden om op de gewone manier zwanger te worden en het misschien aan mijn kind door te geven. Mijn moeder heeft zich enorm schuldig gevoeld toen bleek dat ik het gen had.»
PUTDEKSELMOORD
HUMO Je draagt altijd vrolijke, felle kleuren en glitters. Is dat ook om de nare ervaringen van vroeger te compenseren?
SIMONS «Helemaal niet! Ik ben gewoon zo, ik hou van kleuren en met een leuke outfit voel ik mij beter in mijn vel. Ik kan echt voldoening halen uit het matchen van mijn outfit met een perfect paar oorbellen of schoenen. Was ik geen advocaat geworden, dan had ik zeker iets in de mode gedaan.»
HUMO Jammer dan dat je toga zwart moet zijn.
SIMONS «Ik heb mijn naam in het roze in mijn toga laten stikken (lacht). Mijn kleine daad van verzet. En boven de kraag van mijn toga komt vaak een stukje gekleurde blouse uit.»
HUMO Krijg u tijdens uw werk veel reacties op uw kleding?
SIMONS «Ja, en die zijn meestal heel positief. Ik denk wel dat mensen het fijn vinden om een beetje kleur te zien in de rechtbank. Een procureur nam mij na afloop van een zitting eens apart en zei dat hij mijn glinsterende laarsjes, die onder mijn toga uitstaken, heel mooi vond.»
HUMO Op uw Instagram schreef iemand over uw felrode jurk dat de rechtbank geen gala of modeshow is.
SIMONS «Ik heb die meneer geantwoord dat ik altijd en overal zo gekleed ga, en dat het leven te kort is om niet elke dag een mooie outfit te dragen. Ach, al die negativiteit, dat is verspilde energie.»
HUMO U bent advocaat van Sven Pichal, u verdedigde ook acteur Jan Van Hecke, die werd aangeklaagd voor de verkrachting van drie minderjarige jongens. Wilt u zich specialiseren in zedenzaken?
SIMONS «Zedenzaken en moordzaken behandel ik het liefst. Dat klinkt nu wat vreemd, maar ik werk het liefst aan zaken met een groot menselijk aspect. Dat heb je bij diefstallen veel minder. Ik ben een echte mensenmens. Ik wil het verhaal van de mens achter de daad leren kennen. Om daarna te bekijken welke aanpak het best werkt, zodat we kunnen voorkomen dat het nog eens misgaat.»
HUMO Afgelopen zomer pleitte u uw eerste assisenzaak, de putdekselmoord. Hoe was dat?
SIMONS «Zo’n assisenzaak is iets bijzonders. Ik verdedigde samen met Walter (Damen, red.) een man die werd beschuldigd van de moord op een landbouwer. Bij een assisenproces wordt het hele onderzoek opnieuw gevoerd in de rechtbank. Getuigen worden opnieuw verhoord, deskundigen komen hun expertise delen en beschuldigden worden uitgebreid ondervraagd. Assisenhoven hebben als enige een volksjury. Vaak wordt een uitspraak van een volksjury maatschappelijk ook meer aanvaard, want het zijn je gelijken die geoordeeld hebben. Juryleden zeggen vaak dat ze na zo’n proces veel minder zwart-wit denken. Ze worden niet alleen kritischer, maar ook milder, omdat ze de zaak langs alle kanten hebben bekeken. Mooi, toch?»




