HOE WERKT DE TEST?
Kies bij elke vraag één antwoord. Staat er niks tussen waarin je je herkent? Kies iets wat het dichtst in de buurt komt. Zijn er meerdere antwoorden die je aanspreken? Probeer er toch één aan te kruisen. Omcirkel je antwoorden in het model op pag. 171. De kolom waarin je de meeste antwoorden geeft, bepaalt onherroepelijk, voor altijd en zonder enige twijfel in welke generatie jij je het meest herkent. Succes!
1. Hoe reageer jij op de nieuwste technologische trends?
B. Ik kijk even de kat uit de boom. Zodra vrienden het gaan gebruiken, ga ik het misschien ook doen.
C. Ik gebruik iets nieuws alleen als het mijn efficiëntie verhoogt.
D. Ik heb er niks mee. Vroeger was alles beter.
E. Technologie?
F. Zodra iets een trend is, is het in mijn ogen al verouderd.
G. Een nieuwe trend? Ik ben die van tien jaar geleden nog aan het uitvogelen.
2. Wat vind jij belangrijk in het onderwijs?
B. School is een plek waar je vooral samen met anderen leert. Zo kun je elkaar continu feedback geven.
C. Prestaties en cijfers zijn belangrijk: een goede opleiding is de sleutel tot succes. Naar de universiteit gaan is het ideaal.
D. Op school moet een sterke focus liggen op discipline en gehoorzaamheid. Basisvaardigheden als rekenen, taal en rijtjes stampen zijn essentieel.
E. Leren moet nuttig zijn en bestaat vaak uit zelfstudie. Het aanleren van direct bruikbare vaardigheden is het belangrijkst.
F. Je leert door te observeren, te ervaren, en verhalen te horen van oudere generaties.
G. Leren moet resultaat opleveren. Op school zou daarom de focus moeten liggen op wat iemand al goed kan, in plaats van dat iedereen alles moet kunnen.
3. Hoe kijk jij aan tegen het klimaat?
B. De klimaatnoodtoestand vraagt onmiddellijke actie! De toekomst staat op het spel!
C. We moeten leven in harmonie met de natuur en niet meer nemen dan nodig is.
D. Ik ben bezorgd over het klimaat, maar ik vraag me af of grote veranderingen haalbaar zijn.
E. Het klimaat is belangrijk, maar economische groei mag niet lijden onder maatregelen.
F. Klimaatverandering vraagt praktische oplossingen en technologische innovatie.
G. We moeten onze levensstijl drastisch veranderen om de klimaatcrisis te lijf te gaan.
4. Een medeweggebruiker gedraagt zich bijzonder hufterig. Hoe reageer je?
B. Die heeft vast een slechte dag. Ik blijf rustig, houd afstand, maar onthoud het kenteken, voor het geval dat.
C. Ik deel thuis de dashcambeelden op social media met een uitgebreide post over asociaal rijgedrag.
D. Direct toeteren, arm uit het raam en wijzen op het foute gedrag. Als we stoppen bij een rood licht geef ik een preek over normen en waarden.
E. Ik word niet boos en vervolg mijn reis. Succes met in je eentje mammoeten vangen!
F. Wat een gebrek aan fatsoen tegenwoordig. Ik kijk hoofdschuddend weg en praat er thuis nog uren over na.
G. Ik begin meteen met livestreamen. Deze is echt cringe fr fr no cap #roadrage #fail.
5. Je staat voor een belangrijke keuze in je leven. Hoe ga jij om met de risico’s die aan je beslissing kleven?
B. Ik vermijd ze.
C. Ik calculeer ze in.
D. Ik omarm ze.
E. Ik manage ze.
F. Ik analyseer ze.
G. Ik spreid ze over de groep.
6. Je hebt een flink conflict met een vriend. Wat doe je nu?
B. De stamoudste bemiddelt: groepsharmonie gaat voor individueel conflict.
C. Ik maak een publieke post op social media waarin ik die persoon openlijk cancel.
D. In een face-to-facegesprek komen we tot een compromis, en anders laten we de vriendschap verwateren.
E. Ik benoem meteen wat het probleem is, zoek naar een praktische oplossing en ga door met mijn leven.
F. Ik zoek een efficiënte manier om het uit te praten, we maken concrete afspraken om het probleem op te lossen.
G. Ik stuur diegene een uitgebreide analyse van het conflict in een Whatsappje met veel emoji’s.
7. Hoe shop jij het liefst?
B. Ik rijd naar een groot winkelcentrum waar ruime keuze is en ik mijn auto kwijt kan.
C. In de winkel die ik bezoek weten ze je naam en kunnen ze me precies vertellen wat ik nodig heb.
D. Ik maak zelf wat ik nodig heb of verzamel wat de natuur te bieden heeft.
E. Ik ga naar een groot warenhuis met uitstekende service en bekende merken.
F. Ik koop regelmatig dingen via Shein, Instagramshops en vintage via sociale media.
G. Ik hou van duurzame conceptstores en koop veel dingen tweedehands via Vinted.
8. Voor welke aanschaf heb jij ooit lang gespaard?
B. Een flatscreen-tv.
C. Zeldzame schelpen voor sieraden.
D. Een backpackwereldreis.
E. Een Volkswagen Kever.
F. Een walkman.
G. Een electric longboard.
Voor welke aanschaf heb jij lang gespaard? Een walkman, backpackreis of een electric longboard?
9. Lekker op vakantie! Wat ga jij doen dit jaar?
B. We trekken er lekker op uit met onze camper. Drie maanden door Europa, cultuur opsnuiven en ’s avonds gezellig met andere Nederlandse kampeerders een wijntje drinken.
C. Dat wordt backpacken door Zuidoost-Azië, locals ontmoeten en authentieke ervaringen opdoen. Dat is pas echt reizen!
D. We gaan elk jaar naar dezelfde camping in Drenthe. Waarom veranderen als het goed is? We hebben daar ons vaste plekje en kennen iedereen. Dat geeft rust.
E. Ik boek altijd last-minute via internet een afgeprijsd huisje met een zwembad. Of we laden de auto vol en trekken naar het zuiden. Ik check wel eerst alle reviews, je wilt tenslotte waar voor je geld.
F. We maken een ongeorganiseerde voettocht door de natuur. Waar voldoende eten en veiligheid is, zetten we onze tent op.
G. Ik wil unieke plekken ontdekken die nog niet overspoeld zijn door toeristen. En natuurlijk moet het instagrammable zijn, anders ben je er niet echt geweest, toch?
10. Hoe heten veel van jouw leeftijdgenoten?
B. Tim, Kim, Lisa en Kevin.
C. Eerste Sneeuw, Dappere, Rivier en Beer.
D. Maria, Elisabeth, Johannes en Hendrik.
E. Mark, Sandra, Patrick en Linda.
F. Sem, Olivia, Luna en Finn
G. Suzanne, Marieke, Erik en Jeroen.
11. Naar welke artiesten luisterde jij toen je jong was?
B. Beyoncé, Coldplay en Justin Timberlake.
C. The Beatles, Rolling Stones en Simon & Garfunkel.
D. Madonna, Prince en Michael Jackson.
E. Stamdrummers, fluitspelers en vocale verhalenvertellers.
F. Billie Eilish, Harry Styles en Taylor Swift.
G. Vera Lynn, Willy Derby en The Andrew Sisters.
12. Welke uitspraak past het best bij jou als het gaat om de balans tussen je werk en je privéleven?
B. Eerst de plicht, dan het genot.
C. Werk om te leven, leef niet om te werken.
D. Werk en privé vloeien in elkaar over.
E. Of ik veel vrije tijd heb, is afhankelijk van het
weer.
F. Werk moet in mijn privéleven passen.
G. Als je je werk slim aanpakt, heb je veel vrije tijd.
13. Hoe ziet jouw ideale werkplek eruit?
B. De natuur.
C. Dezelfde plek waar ik al jaren werk.
D. Een groot, luxe kantoor met veel ruimte om te vergaderen.
E. Een functionele ruimte waarin ik me goed kan concentreren.
F. Overal waar wifi is.
G. Een hybride werkomgeving.

14. Waarmee plan jij je afspraken en taken?
B. Met Outlook.
C. Met een handig appje.
D. Op een kalender aan de muur.
E. Met Google Calendar.
F. Met de stand van de zon en sterren.
G. Dat doet AI voor me.
15. Welke steekwoorden passen het best bij jouw ideale liefdesrelatie?
B. Vibe check, selfcare, no labels.
C. Functioneel, nageslacht, overleven.
D. Authentiek, persoonlijke groei, betekenisvol.
E. Plichtsgetrouw, traditioneel, levenslang.
F. Vrijgevochten, gelijkwaardig, samen groeien.
G. Realistisch, balans, compromis.
16. Er brandt een waarschuwingslampje dat er iets mis is met je auto. Wat doe je?
B. Ik bel de garage. Die mag hem komen halen.
C. Ik vraag een handige vriend om hulp.
D. Ik volg een tutorial op YouTube en fix het probleem zelf.
E. Ik neem een Uber of boek een deelscooter.
F. Ik repareer hem zelf, desnoods met veel tape, ijzerdraad en touw.
G. Ik knoop wat twijgen om het mankement.





17. Het is zondag, er komen mensen eten. Wat schotel je ze voor?
B. Fusion food ziet er geweldig uit. Poké bowls bijvoorbeeld. Daar drinken we bubble tea bij.
C. We bestellen sushi of bakken zelfgemaakte pizza’s, vergezeld van een goede fles wijn.
D. We braden geroosterd wild en eten seizoensgroenten. En een lekker slokje gesmolten sneeuw.
E. Dat wordt shared dining met zelfgemaakte cocktails. Alles biologisch en grotendeels vegan.
F. We eten allerlei soorten vlees van de barbecue, met stokbrood en kant-en-klare salades.
G. We gaan stipt om zes uur aan tafel en eten rollade met aardappeltjes en groenten en pudding toe.
18. Waarin loop jij graag rond?
B. Airforce, Stüssy, PrettyLittleThing.
C. C&A, Hema, Van Dalen.
D. Mexx, Gerry Weber, McGregor.
E. Gevlochten vezels, dierenhuiden, bont.
F. Zara, H&M, Sandro.
G. The North Face, Superdry, Scotch & Soda.
19. Even lekker zeuren: hoe denk jij over andere generaties?
B. De generaties voor ons zijn vastgeroest in hun idealen en cynisch. De mensen na ons leven in een digitale bubbel. En ze kunnen niet tegen kritiek. Je mag tegenwoordig niks meer zeggen. Wij zijn tenminste nuchter en praktisch ingesteld.
C. De generaties na ons denken dat een vaste verblijfplaats hebben vooruitgang is. Maar ze worden ziek van hun eenzijdige voedsel en maken ruzie omdat ze hun spullen moeten beschermen.
D. De jeugd van tegenwoordig verwacht dat alles maar voor ze geregeld wordt. In onze tijd moesten we werken voor wat we wilden en waren daar dankbaar voor.
E. De generaties na ons zijn zo ontzettend individualistisch. Ze weten niet hoe het is om gezamenlijke idealen te hebben en voor verandering te moeten vechten.
F. De generatie voor ons had alle kansen welvaart op te bouwen, maar was vooral bezig met het najagen van idealen. De generaties na ons klagen wel, maar ondernemen niks.
G. De oudere generaties hebben de planeet verwoest en wij krijgen daar nu de rekening voor. En als we dat benoemen, noemen ze ons ‘te woke’.
20. Welk motto past het best bij jou?
B. Maak van elke dag een nieuw avontuur: alles is mogelijk.
C. Maak impact door je dromen te leven.
D. Omarm de toekomst, maar leef in het nu en zonder grenzen.
E. Verwacht weinig, regel het zelf, blijf realistisch.
F. Geen woorden maar daden: voor elk probleem is een praktische oplossing.
G. Leef zuinig en bescheiden en wees dankbaar.
TEST GEDAAN?
Zet in de scoretabel cirkeltjes om het antwoord dat je bij die vraag gaf. En tel vervolgens het aantal antwoorden per kolom. In welke kolom scoor je het hoogst? Die generatie past bij jou. Ook leuk: kijk even welke generatie daarna het hoogst scoort, die staat dus blijkbaar niet eens zo ver van je af.
Kolom 1
Jij past bij: de stille generatie (geboren tussen 1931 en 1940), gevormd door crisis, oorlog en wederopbouw.
Leuk aan jou: je bent bescheiden, plichtsgetrouw en loyaal. Boven alles waardeer je stabiliteit, traditie en fatsoen.
Minder leuk: je bent erg zuinig en inflexibel.
Niet jouw ding: ophef maken en verspilling.
Kolom 2
Jij past bij: de babyboomers (1941-1955), de protestgeneratie die alles anders wilde doen dan hun ouders en opgroeide in welvaart en vrijheid.
Leuk aan jou: je bent optimistisch, ondernemend, idealistisch & zelfverzekerd.
Minder leuk: je bent erg competitief, betweterig en materialistisch.
Niet jouw ding: digitalisering.
Kolom 3
Jij past bij: generatie X (1956-1970), opgegroeid tijdens economisch zware tijden en de Koude Oorlog, tussen twee dominante generaties in.
Leuk aan jou: zelfredzaam, authentiek met een no-nonsensementaliteit.
Minder leuk: je bent cynisch, wantrouwend en erg individualistisch.
Niet jouw ding: opsmuk en poespas. En verplichte teambuildingdagen.
Kolom 4
Jij past bij: de patatgeneratie (1971-1985), bruggenbouwers tussen het analoge en digitale tijdperk, met een praktische kijk op verandering.
Leuk aan jou: met je oplossingsgerichte en nuchtere kijk op de wereld pas je je makkelijk aan en probeer je altijd beide kanten van een verhaal te bekijken.
Minder leuk: je afstandelijkheid en eeuwige zoektocht naar compromissen.
Niet jouw ding: onnodige complexiteit.
Kolom 5
Jij past bij: millennials (1986-2000), eerste digitale generatie, opgegroeid met grote verwachtingen.
Leuk aan jou: je bent innovatief, ambitieus en je zoekt continu naar betekenis en persoonlijke ontwikkeling.
Minder leuk: je kunt flink ongeduldig en perfectionistisch zijn en keuzestress speelt je vaak parten.
Niet jouw ding: hiërarchie en de opmerking ‘omdat we dat altijd zo doen’.
Kolom 6
Jij past bij: gen Z (2001-2015), geboren in een digitaal tijdperk, geconfronteerd met globale uitdagingen en razendsnelle veranderingen.
Leuk aan jou: jij bent wie je wilt zijn, en ieder ander mag dat ook. En je bent super techsavvy.
Minder leuk: je overgevoeligheid kan je angstig maken. En door alle prikkels om je heen ben je snel afgeleid.
Niet jouw ding: fakegedrag en oppervlakkigheid.
Kolom 7
Jij past bij: de jagersverzamelaars (300.000-10.000 v.C.), trokken rond in kleine groepen en waren volledig afhankelijk van de natuur en elkaar.
Leuk aan jou: je kunt als geen ander samenwerken en bent erg veerkrachtig. Je hebt een diep respect voor de natuur.
Minder leuk: je bent erg bijgelovig en langetermijndenken is niet aan jou besteed: behoeften moeten direct bevredigd worden.
Niet jouw ding: individueel bezit.
scoretabel





