
‘Ik was de enige die in mijn carrière als schrijfster geloofde’
Het is vlak na ons interview met Marion over Jij bent het licht als er een bericht verschijnt op haar histogram: bij een tragisch ongeval is haar zus om het leven gekomen.
“Ik sta nu in overlevingsstand,” zegt Marion aan de telefoon. “Morgen vlieg ik met mijn moeder naar Tel Aviv voor de crematie. Het is nog niet te bevatten. We moeten zo veel regelen. Daarbij wisselen heftige emoties af met momenten waarin je je gevoelens moet uitschakelen om te handelen. Zoals welke kleding we voor haar mee moeten nemen. Gisteren zochten haar kinderen het uit. Dan ga je samen door haar kledingkast, je ruikt haar geur weer en bent in haar huis. En dan realiseer je je… ze komt hier nooit meer terug.”
“Mijn zus was one of a kind. Ze had heel veel zin in het leven. Ze was naar haar Israëlische vriend David toegegaan in Israël. Wat waren die twee gek op elkaar, hij was echt de liefde van haar leven. Ze hadden mooie plannen en besloten te gaan kamperen in de woestijn. Ze keek er zo naar uit. Die nacht hadden ze gekampeerd en nadat ze de spullen in de auto hadden gelegd besloten ze nog een stuk te wandelen. Het is een ruig gebied met steile kliffen. Het blijft speculeren wat er gebeurd kan zijn, maar het lijkt op een ongeluk. Op maandag kreeg ik te horen dat ze vermist was, twee dagen later het hartverscheurende nieuws dat hun lichamen waren gevonden. Het troost me dat haar laatste dag prachtig geweest moet zijn. In de natuur met de man met wie ze gelukkig was.” Drie weken voor de noodlottige gebeurtenis treffen we Marion thuis in het bosrijke Soesterberg. Hoe wrang nu ook; het thema loslaten komt vaak aan bod tijdens dit eerdere gesprek. Het is een onderwerp dat verweven is met haar eigen leven. De ingepakte koffers liggen klaar. Morgen verruilt ze samen met haar man Chris het druilerige Nederland voor het huis op de Spaanse berg. Op tafel ligt de drukproef van haar nieuwe boek Jij bent het licht, met ernaast een pen voor de allerlaatste puntjes op i. “Na dit interview ga ik het naar de uitgever brengen. Dan is het klaar. Dan moet ik echt loslaten.”
Loslaten is een belangrijk en terugkerend thema voor Marion. Niet alleen in haar nieuwste boek, in ál haar boeken en ook in haar eigen leven. Marion vertelt opgewekt dat ze uitkijkt naar het moment dat haar twee kinderen langskomen in Spanje. De oudste woont in het Caribische gebied en werkt als kapitein. De jongste bakt pizza’s bij een surfclub in Australië. Ook dat is loslaten.
“Dat mijn kinderen zo ver bij mij vandaan wonen en ik hen zo weinig zie, is een van mijn grootste pijnen. Maar tegelijkertijd ben ik zo trots. Ik heb altijd gewild dat ze konden zijn wie ze willen zijn en zouden doen wat ze willen doen. Dat is gelukt. Het zijn echte tropenkinderen; ze zijn opgegroeid in het buitenland, in de natuur. Ik begrijp ook waarom het ze niet lukt om te aarden in Nederland. En ergens is het ook mijn eigen schuld: ik heb ze vanaf jonge leeftijd de hele wereld over gesleept.”
Hoe is dat dan om elkaar weer te zien?
“Heerlijk! Ik kan weer moederen. En zij vinden het fijn om verzorgd te worden, ze hebben allebei zo hard gewerkt het afgelopen jaar. Ook al zien we elkaar niet veel, onze band is heel hecht. Ik kijk er ontzettend naar uit om weer op avontuur te gaan met ze. En ja, dan komt ook het moment dat ik ze ga uitzwaaien. Maar als ik zie hoe gelukkig ze daarvan worden, denk ik: ga maar… Mijn twee stiefkinderen wonen wel in Nederland, dat is heel fijn. En ik word binnenkort oma. Mijn man is door het dolle heen. Ik vind het mooi om te zien hoe dat werkt. Je schuift een generatie op, dat is de natuurlijke gang van zaken.”

‘Het troost me dat de laatste dag van mijn zus prachtig geweest moet zijn. In de natuur met de man met wie ze gelukkig was’

Dit jaar vier je ook je twintigjarig jubileum als schrijfster. Hoe kijk je terug?
“Trots natuurlijk. En ik denk dat mijn lezers mij eindelijk echt begrijpen. Toen ik net begon met schrijven, zagen mensen me toch als een soort blonde bimbo.”
Sorry?
“Ik was vrij jong moeder. Mensen dachten dat ik een onthechte tienermoeder was die ook een spannend boekje wilde schrijven. Misschien zat dat beeld eigenlijk wel vooral in mijn eigen hoofd. Ik vind het mooi om te zien hoe het schrijven zich in de jaren heeft ontwikkeld. Mijn boeken zijn weliswaar thrillers, maar er zitten veel lagen in. Het gaat mij om de personages en hun ontwikkeling. Een thrillerplot brengt hen vervolgens in de uitdagendste omstandigheden. Hierdoor moeten ze nieuwe krachten in zichzelf aanboren. Vandaar dat mijn nieuwe boek ook Jij bent het licht heet. Ik heb het idee dat steeds meer mensen die diepgang gaan begrijpen en waarderen, terwijl ze natuurlijk ook gewoon genieten van een lekkere thriller. Grappig genoeg heb ik er zelf nooit aan getwijfeld dat het me zou lukken. Ik was de enige die in mijn carrière als schrijfster geloofde. Ik begrijp wel waarom mijn talent niet heel zichtbaar was voor mijn omgeving. Ik was destijds een nogal‘people pleasende’ persoonlijkheid. Ik moest nog veel leren, laat ik het zo zeggen.”
‘Ik heb me altijd een vreemde eend in de bijt gevoeld. Mijn grootste wens was om ‘normaal’ te zijn’
Wat moest je leren?
“Mijn grootste wens was om normaal te zijn, net als alle anderen. Daardoor speelde ik vaak een rol. Ik moest mijn best doen om bij de groep te horen. Dat komt mede doordat ik tot mijn zesde in Tasmanië heb gewoond. Toen we naar Nederland verhuisden, kwam ik terecht in een land dat ik niet begreep, met een cultuur die ik niet begreep en een taal die ik niet begreep. Ik heb me daardoor altijd een vreemde eend in de bijt gevoeld. Het lukte me wel om dat gevoel grotendeels te verbloemen, maar daardoor raakte ik heel ver van mezelf verwijderd. Ik merkte dat er vanbinnen bij mij heel andere dingen gebeurden dan bij andere mensen.”
Kun je daar een voorbeeld van geven?
“Mijn boeken zijn een goed voorbeeld. Daar gebeuren heel extreme dingen in. Die komen toch ergens vandaan, dat zit onder mijn huid. En dat zie je vanbuiten dus niet. Zeker in de tijd dat ik mijn eerste boek schreef, liet ik al helemaal niet zien wie ik eigenlijk was. Daarom zei ik ook dat ik nu pas het idee heb dat mensen mij echt begrijpen. Niet alleen als schrijfster, maar ook als mens. En het belangrijkst: ik begrijp mezelf een stuk beter.”
Je schrijft over complexe onderwerpen: angsten, jezelf overwinnen en gevangen zitten in je eigen hoofd of in systemen. Waar komt dat vandaan?
“Dat zijn onderwerpen die in mijn leven spelen of gespeeld hebben. Ik heb inmiddels wel afgesproken met mezelf dat ik het niet meer over mijn jeugd ga hebben. Daar is alles al over gezegd. Maar net als het hoofdpersonage in mijn nieuwe boek Jij bent het licht, moest ik op zoek gaan naar mezelf. Dat is volgens mij de belangrijkste opdracht in het leven.”
Bij de personages in je boeken gebeurt dat vaak op een heel extreme manier. Hoe heb je dit zelf gedaan? Iets minder extreem mag ik hopen…
“Ik heb heel veel over mezelf geleerd sinds we vijf jaar geleden deels in Spanje zijn gaan wonen. Het is daar erg afgelegen en in het begin ben ik een maand lang alleen geweest. Heel spannend vond ik dat, maar na een tijdje merkte ik hoe fijn het was om geen rekening te hoeven houden met een ander. Of je überhaupt te hoeven verhouden tot een ander. Ik was echt op mezelf aangewezen. En ik had een toptijd. Ik had het zo leuk met mezelf. Al die jaren was ik zo bang geweest om alleen te zijn. Ik heb geen externe validatie nodig om mezelf goed te voelen of om überhaupt mezelf te zijn. Ik vind dat ook in een bos.” (lachend) “Even lekker met de bomen knuffelen?”
Heeft dat misschien ook te maken met ouder worden?
“Zeker weten! Als vrouw, en zeker als jonge vrouw, krijg je zo veel opgedrukt. Je bent moeder, je moet er goed uit zien, je moet carrière maken – maar niet te veel want je moet er ook zijn voor je kinderen en je partner. Ik merkte dat ik me continu aan het verhouden was naar de verwachtingen van mijn omgeving. Maar ook naar die van mezelf. Bewust en onbewust. Nadat ik de veertig was gepasseerd, had ik opeens de angst dat ik minder aantrekkelijk zou zijn. Ik schrok er zelf van: ik hoef het toch echt niet alleen van mijn looks te hebben. Toch werd ik daar heel onzeker van. Ik zat in die tijd ook in een toxische relatie, dus dat hielp ook niet echt.”





En wat deed je dan?
“Ik merkte juist dat ouder worden een bevrijding is. Je kunt eindelijk de rollen loslaten die anderen voor je bedacht hebben en die je voor jezelf hebt bedacht. Je pelt als het ware steeds meer lagen af. Ik werd meer de persoon die ik in de kern ben.Doordat ik de verwachtingen kon loslaten, werd het leven lichter. Ik hou ervan om naar feestjes te gaan, maar toen ik nog jong was, danste ik altijd met mijn ogen naar de grond gericht. Voor je het weet, maak je oogcontact en staan er tien mannen om je heen te dartelen. Soms ervaarde ik dat zelfs als ronduit bedreigend. Nu ik ouder ben, kan ik gewoon rondkijken en oogcontact maken. Als oudere vrouw ben je niet meer zo’n prooi.”
Heeft de term ‘succes’ voor jou ook een andere betekenis gekregen?
“Succes wordt vaak afgemeten aan kwantificeerbare dingen. Het aantal ‘likes’ op Instagram bijvoorbeeld. Ik heb echt heel lang geworsteld met dat platform. Het is het grote vissen naar complimenten door jezelf te exposeren. Ik vind het superongezond dat we op deze manier met elkaar en onszelf bezig zijn. Ieder mens heeft een leegte te vullen. We zijn allemaal weleens gekwetst, niet gezien of begrepen, en soms zelfs getraumatiseerd. Instagram is dan een makkelijk medium om die leegte op te vullen. Maar je raakt zo afhankelijk van die bevestiging van anderen. Ik probeer op Instagram juist te verbinden en met elkaar in gesprek te gaan. Als ik een column voor Margriet schrijf, post ik daar ook iets over op Instagram. Ik vind het interessant om te lezen hoe anderen over bepaalde dingen denken. Maar om antwoord te geven op de vraag… succes betekent voor mij de vrijheid om dingen te doen die mij vervullen. En om liefde te kunnen voelen en ervaren.”
Over de liefde gesproken. Je bent nu tien jaar samen met Chris. Wat geeft hij jou?
“Tien jaar alweer, dit is de langste relatie die ik ooit heb gehad. Ik denk dat hij mij volledig accepteert zoals ik ben. Wat ik eerder al zei over hoeveel moeite het me soms kost om normaal te doen; in een relatie kun je dat niet verborgen houden. Hij krijgt het totale plaatje, inclusief mijn gektes. Bij hem voelt dat veilig. In eerdere relaties had ik soms het idee dat ik een soort trophy wife moest zijn. Maar ik ben helemaal niet geïnteresseerd in een Gucci-tas. Ik ben meer dan alleen maar dat plaatje. Dus ik paste totaal niet in die vacature. Chris ziet mij en is echt gek op me. En dat is wederzijds. Deze liefde komt dicht bij onvoorwaardelijk. En ik hou heel erg van zijn gevoel voor avontuur.”
Het avontuur heeft jullie al ver gebracht…
“Soms moeten we elkaar echt afremmen. Dat hebben we ook moeten leren. We zijn allebei ontzettend impulsief. Tijdens de eerste twee jaar van onze relatie was het totale gekte. We zijn getrouwd, verkochten allebei ons huis, vlogen de hele wereld over en alles wat in ons opkwam gingen we doen. Het was krankzinnig en we moesten het echt rustiger aan doen. Dus als een van ons een idee heeft, zeggen we nu eerst: ‘We gaan er twee weken over nadenken en dan kijken we of het nog zo’n leuk plan is.’ Anderzijds voel ik ook wel dat dit de tijd is waar de gedachte ‘nu kan het nog’ erin is geslopen.”
Wat bedoel je?
“De dood is een punt op de horizon. We weten allemaal dat het eraan komt. Dat nodigt mij uit om nu de dingen te gaan doen die ik wil doen en te zijn wie ik wil zijn. Na je vijftigste komt alles in een stroomversnelling. Ik weet nog dat ik op mijn verjaardag dacht: ik zit op de helft. In mijn hoofd maakte ik de rekensom, en ik realiseerde me dat ik al vet óver de helft ben. Dat zet je ook wel aan het denken over het leven, de keuzes die je hebt gemaakt en de keuzes die je nog wilt maken. Om een concreet voorbeeld te geven: weggaan uit Amsterdam was voor mij heel erg goed. Ik raakte er totaal overprikkeld. Ik woon nu deels hier in het bos en deels op die berg in Spanje. Ik begin mijn dag met meditatie en ik hou van lange wandelingen maken in de natuur. Maar ook de keuze hoe ik me verhoud tot de mensen om me heen. Tijdens onze wandeltochten in Schotland gingen Chris en ik geregeld een paar uur apart van elkaar lopen. Ik heb dat ook nodig, dat alleen durven zijn.”
‘Dat mijn kinderen zo ver weg wonen is een van mijn grootste pijnen’

OVER MARION
Marion Pauw (geboren in 1973 in Tasmanië, Australië) is een Nederlandse schrijfster en scenarist. Ze brak in 2008 door bij het grote publiek met haar thriller Daglicht, waarvoor ze de NS Publieksprijs won. Haar werk wordt gekenmerkt door psychologische diepgang, een toegankelijke schrijfstijl en maatschappelijk relevante thema’s. Naast thrillers schrijft ze ook romans en werkte ze als scenarist voor televisie. Marion schrijft wekelijks een column op margriet.nl.

visagie: selke stojancic. assistent styling: milla amdursky. voor verkoopinformatie zie inhoud.




